Rik Claeys, melkveehouder en lid van de raad van bestuur van DGZ, geeft u deze week enkele praktische tips waardoor u de bioveiligheidsrisico’s die gepaard gaan met aankoop van dieren kunt beperken. Want u wilt er toch zeker van zijn dat u met de aangekochte dieren geen infecties binnenbrengt?

“Ik ben geen voorstander van aankoop van dieren, want dat vormt een van de grootste bioveiligheidsrisico’s op je rundveebedrijf. Aangekochte dieren kunnen namelijk heel wat infecties binnenbrengen. Zelf probeer ik aankoop dus zo veel mogelijk te vermijden maar uitzonderlijk kan het toch nodig zijn. Zo heb ik 9 jaar geleden  een nieuwe melkveestal gebouwd waardoor ik mijn capaciteit kon verdubbelen. Omdat ik hiervoor te weinig jongvee had, heb ik ervoor gekozen om nieuwe dieren aan te kopen.”

Vermijd inschakeling van derden

“Ik werk niet via een koopman, maar koop rechtstreeks bij een collega-veehouder. Daarvoor ga ik zelf eerst een kijkje nemen op het bedrijf waar ik mijn dieren wil aankopen. Zo zie ik niet alleen het bedrijf, maar kan ik ook de gezondheidstoestand van de dieren met eigen ogen verifiëren.

Het ophalen van de dieren doe ik zelf, want ook hier kunnen derden een risico vormen. Tijdens het transport kunnen de dieren zich namelijk besmetten wanneer ze op een vuile – lees: besmette – vrachtwagen terechtkomen. Ook kunnen ze tijdens het transport in contact komen met besmette dieren van andere herkomsten en zo geïnfecteerd worden voor ze op mijn bedrijf aankomen. Door zelf voor het transport te zorgen, beperk ik dat risico.”

Plan je aankoop op voorhand

“Verder neem ik altijd voldoende tijd om mijn aankopen te plannen, zo heb ik tijd om langs te gaan op de herkomstbedrijven en de aankoop voor te bereiden. Door ver genoeg op voorhand te plannen, kan ik mijn dieren ook vroeg genoeg aankopen en ze voldoende lang in quarantaine houden. Daar observeer en analyseer ik ze. Hiervoor kan ik rekenen op de hulp van mijn bedrijfsdierenarts. Ik vraag hem altijd om bij de nieuwe dieren bloed te nemen en het aankoopprotocol uit te voeren. Bovendien hebben de aangekochte dieren zo de tijd om te wennen aan hun nieuwe omgeving. De quarantaine werkt namelijk ook in de andere richting. Stel dat ik op mijn bedrijf infecties zou hebben waar de aangekochte dieren negatief op testen, dan kan ik de gepaste maatregelen nemen om de aangekochte dieren te beschermen tegen die infecties.

Zoals gezegd doe je er het beste aan om geen dieren aan te kopen. Als gesloten bedrijf heb je immers een sterk voordeel. Kies je toch voor aankoop, dan kan je door gepaste maatregelen te nemen, het risico op insleep sterk beperken. Én werk je aan een bioveilig bedrijf.”