Dieren van verschillende leeftijden horen apart te staan – 10 tips

Dat de aankoop van dieren een groot risico vormt op insleep van infecties, dat hoeven we u niet meer te vertellen. Neem bij aankoop van dieren dus steeds de nodige voorzorgen. Maar bioveiligheid is niet enkel het voorkomen van insleep op uw bedrijf. Het gaat ook om het beperken van spreiding van infecties bínnen het bedrijf. Eén van de risico’s daar is contact tussen diergroepen met een verschillende infectie- en immuunstatus. Hou daarom de verschillende diergroepen apart. Hoe doet u dit concreet? Onze tips helpen u verder. 

  1. Houd runderen van verschillende leeftijden van elkaar gescheiden en maak dat er geen contact mogelijk is tussen de groepen. Oudere dieren kunnen namelijk immuun zijn voor een bepaalde infectie, maar er toch drager van zijn, terwijl de jongere dieren er net gevoelig voor zijn.
  2. Zieke koeien en kalveren horen thuis in de ziekenboeg, waar ze geen rechtstreeks contact kunnen hebben met de andere runderen. Gebruik de ziekenboeg enkel voor het afzonderen van zieke dieren en reinig en ontsmet deze stal na elk gebruik.
  3. Sterft er een dier? Verwijder het dan onmiddellijk uit de stal en breng het naar de kadaverophaalplaats. Deze bevindt zich weg van de stallen, liefst zo dicht mogelijk bij de openbare weg, zodat de vrachtwagen van Rendac het bedrijf niet hoeft binnen te rijden. Bovendien is deze plaats verhard, zodat u hem goed kunt reinigen.
  4. Respecteer de looplijnen: van jong naar oud. Werk dus steeds van de meest gevoelige groepen naar minder gevoelige groepen. Zieke dieren, die het grootste risico vormen, bezoekt u als laatste.
  5. Gebruik voor de verschillende groepen apart materiaal, kledij en laarzen. Was ook de handen als u van de ene stal gaat naar de andere. Zo vermijdt u dat u zélf infecties overbrengt, bijvoorbeeld via laarzen, kledij, handen of materiaal.
  6. Een afzonderlijke, propere box waar koeien rustig kunnen afkalven, is een must voor koe en kalf. Bij de koeien vermindert u zo het risico op infecties van bijvoorbeeld de baarmoeder of de uier, en de kalfjes lopen minder kans om bij de geboorte besmet te raken vanuit de omgeving.
  7. Neem de pasgeboren kalfjes meteen na de geboorte weg uit de afkalfbox en plaats ze in een individueel kalverhutje of eenlingbox. De eerste weken na de geboorte zijn deze jonge dieren zeer gevoelig en hebben ze maar beter geen rechtstreeks contact met de andere dieren.
  8. Huisvest ook uw vaars- en stierkalveren apart. Plaats de stierkalveren op een locatie waar er geen contact mogelijk is met de andere dieren, liefst vooraan op het bedrijf. Zo hoeft de veehandelaar het bedrijf niet te betreden en komt hij niet in contact met de vaarskalveren.
  9. En omdat we het nu toch over de kalfjes hebben, speciaal voor deze meest gevoelige groep nog een paar tips:

  10. Geef de kalfjes biest van goede kwaliteit, bij voorkeur van het eigen moederdier. Respecteer bij de toediening van biest de 4 V’s namelijk: vers, vlug, veel en vaak. Melk de biest hygiënisch uit en test de kwaliteit. Goed begonnen is half gewonnen!
  11. Laat uw kalveren drinken uit eigen emmers en reinig de emmers na elk gebruik. Melkresten die achterblijven op het materiaal zijn een broeihaard van bacteriën en insecten, en trekken ongedierte aan.

Meer weten?

Met alle vragen over bioveiligheid kunt u terecht bij uw bedrijfsdierenarts of de helpdesk van DGZ (tel. 078 05 05 23 of helpdesk@dgz.be).