Deze week krijgt u alweer een gouden tip rond bioveiligheid. Dit keer van Steven Sarrazin, dierenarts aan de faculteit Diergeneeskunde van UGent en jurylid voor onze Bioveiligheid Award.

“Bioveiligheid is in feite niets nieuws. Maar waarom dan nu al die aandacht? Een eerste factor is dat de focus in de diergeneeskunde aan het verschuiven is van curatief naar preventief. Bovendien is de manier waarop landbouwhuisdieren worden geproduceerd voortdurend in beweging. Als veehouder moet je dus op de hoogte zien te blijven van de nieuwe trends en van tijd tot tijd nagaan hoe je je bedrijfsvoering verder kunt optimaliseren. Dat legt flink wat druk op de schouders van de veehouders. Maar weet dat je er niet alleen voor staat en dat je steeds terechtkunt bij je bedrijfsdierenarts voor praktisch advies op maat van je bedrijf.”

Goede relatie

“Tijdens mijn bedrijfsbezoeken als jurylid in het kader van de Bioveiligheid Award is me meermaals opgevallen dat de relatie tussen veehouder en bedrijfsdierenarts bijzonder goed was. In onderling overleg werken beide partijen aan de optimalisatie van de bedrijfsvoering. De veehouders staan open voor het advies dat ze krijgen van hun bedrijfsdierenarts en de bedrijfsdierenartsen zijn tevreden te kunnen bijdragen aan een manier van werken die de diergezondheid verbetert. Dit geeft aan dat geen van beide partijen de verantwoordelijkheid omtrent diergezondheid, en dus ook bioveiligheid, naar de andere doorschuift en dat in principe iedereen die belang heeft bij de productie van landbouwhuisdieren hieraan zou moeten bijdragen.”

Stap voor stap

“Recent onderzoek bij Vlaamse rundveehouders bevestigt dat zij de bedrijfsdierenarts beschouwen als belangrijkste bron van informatie en aanspreekpunt op vlak van diergezondheid. Uit dit onderzoek komt ook naar voor dat er nood is aan eenvoudig, praktisch advies op maat van het bedrijf.

Bioveiligheid is namelijk een term die een heel brede lading dekt en als veehouder wil je een oplossing die haalbaar is voor je bedrijf, zowel op korte als lange termijn. Ook is het zo dat er geen standaardoplossing bestaat: bepaalde maatregelen kunnen op sommige bedrijven een grote bijdrage leveren, terwijl dezelfde maatregelen op andere bedrijven niet van nut zijn. De veehouder zoekt met andere woorden een antwoord op de vraag: ‘Hoe kan de zeer brede term bioveiligheid vertaald worden naar concrete en praktische maatregelen die ik – bij voorkeur stapsgewijs – kan toepassen op mijn specifieke bedrijf?’

Alles in acht genomen, is de bedrijfsdierenarts de geknipte persoon om je te helpen een antwoord te vinden op deze vraag. Hij of zij kent immers de structuur en historiek van de diergezondheid op je bedrijf en heeft de nodige kennis om de theorie rond bioveiligheid om te zetten naar concrete en specifieke adviezen op maat van je bedrijf. Anders gezegd, hij of zij kan je helpen een stapsgewijze en gestructureerde doorlichting van de bedrijfsvoering te verrichten en maatregelen te nemen die de diergezondheid enkel maar ten goede komen.”